Geschiedenis
Voorwoord
Een van de redenen waarom ik Scouting Nootdorp zo’n mooie club vind, is omdat er altijd nieuwe ideeën ontstaan. Van LAN-party’s tot radiozendmasten. Er wordt altijd vooruit gekeken. Het nadeel daarvan is wel, dat er soms te weinig achterom gekeken wordt. Wij zijn slecht in het bewaren van onze eigen geschiedenis. Deze tekst is een poging tot geschiedschrijving over Scouting Nootdorp, een vereniging die een veel rijkere geschiedenis heeft dan direct zichtbaar is in en rond de Knoop. Het probleem met geschiedschrijving is alleen dat het nooit af is. Bij iedere vondst komen er namelijk meer nieuwe vragen op. Dit stukje is dus per definitie incompleet.
– Bart van de Sande, juni 2024.
De oertijd (1949 – 1975)
Scouting Nootdorp voert als oprichtingsjaar 1949. Tijdens het onderzoek voor dit stuk kwam echter het verslag van een interview uit 2009 boven water, met een “dhr. de Koning” (in de herinnering van bestuurslid Kees de Koning was zijn voornaam Piet). In dat interview beschreef dhr. de Koning de Sint-Willibrordusgroep, een Nootdorpse katholieke verkennergroep die al in april 1948 gestart zou zijn. Dit suggereert dat Scouting Nootdorp niet 75, maar 76 jaar oud is in 2024.

De eerste locatie waar de Sint-Willibrordusgroep heeft gedraaid was het schuurtje van Piet van der Helm aan Veenweg 89. Aangezien bij mijn weten de huisnummering niet veranderd is na de oorlog, betreft het een erf dat niet meer bestaat. Veenweg 89 is namelijk een huis uit 1997, aan het Leidschenveense deel van de Veenweg. In het verslag is geschreven dat de scouting later is verhuisd naar “het monumentale pand wat nog steeds tegenover de kerk staat”. Hierover zijn twee zaken onduidelijk: gaat het hierbij om de boerderij op nummer 57, of nummer 53; en is dit een toevoeging van degene die het verslag heeft opgetekend of een herinnering van dhr. de Koning?
De herinneringen van dhr. de Koning laten wel grote open plekken achter. Allereerst weet ik niet of en hoe deze dhr. de Koning familie is van de Nootdorpse De Koningen. Verder worden een paar, maar niet alle plekken beschreven waar scouting in Nootdorp heeft gedraaid. Ook is het niet duidelijk waarom de jongensgroep aanvankelijk de Sint-Willibrordusgroep wordt genoemd, en later de Sint-Jorisgroep, of wanneer die naamswijziging dan heeft plaatsgevonden.
Tineke Goeman, begonnen als lid van de Rosa de Limagroep in 1957 en later leidster geworden, vertelde dat de Rosa de Limagroep en de Sint-Jorisgroep tegelijk zijn opgericht als onderdeel van de Jeugdraad. Dit laat ruimte voor de theorie dat de Sint-Willibrordusgroep een andere groep is dan de Sint-Jorisgroep, waar Scouting Nootdorp uit is voortgekomen.
In dat geval zou 1948 dus niet het oprichtingsjaar zijn, want zeker is wel dat Scouting Nootdorp is voortgekomen uit een fusie tussen verkennergroep “de Sint-Jorisgroep” en gidsengroep “Rosa de Lima”. Beide groepen waren vernoemd naar heiligen, en waren dan ook katholieke padvindersverenigingen. Tot de fusie van de scoutingfederaties tot koepelorganisatie Scouting Nederland was het namelijk gebruikelijk dat iedere levensovertuiging haar eigen padvinderij had. Deze verzuiling zorgde er bijvoorbeeld ook voor dat er in Nootdorp een aparte bakker, slager, kruidenier, etc. was voor de katholieken en voor de protestanten. Of er in Nootdorp een padvinderij voor de protestanten is geweest, is mij niet bekend.
De herinneringen van Bert de Groot, welp bij de Sint-Jorisgroep tussen 1966 en 1969, maken het allemaal nog wat ingewikkelder. Hij weet namelijk te vertellen dat de Sint-Jorisgroep geen Verkenners had, waardoor hij gedwongen was om uit te wijken naar de Paulusgroep in Delft. Dat dit nèt voor de oprichting van de Verkenners geweest is, blijkt uit het feit dat Kees de Koning in 1969 bij de Verkenners is gegaan. Op 1 juni bevestigde hij dit in een mondeling gesprek. Diny Tubbing vertelde me dat ze in 1975 bij Scouting Nootdorp ging, wat toen al een gemengde vereniging was. De fusie moet dus tussen 1969 en 1975 plaatsgevonden hebben. Joke van der Kraan, lid van de Rosa de Limagroep vanaf 1967, vermoedt ook dat het rond 1975 geweest moet zijn dat de groepen zijn gefuseerd. Dit zou in lijn zijn met de landelijke geschiedenis van scouting, aangezien Scouting Nederland in 1973 is ontstaan uit een fusie van vier koepelorganisaties (katholieke en openbare jongens- en meisjeskoepels). Ook Kees de Koning van de Veenweg (vader van Christopher en Alissa) herinnert zich dat het rond die tijd geweest moet zijn en noemde de fusie van Scouting Nederland als voorbeeld van de fusie van Scouting Nootdorp. Stel je van zo’n “fusie” niet te veel voor; het was geen zwaar, officieel moment maar is geleidelijk en informeel verlopen.



Open plekken, onduidelijkheden en aannames… het zijn al terugkerende thema’s geworden in dit verhaal. Bij Scono zijn we namelijk frustrerend slecht in het bewaren van onze geschiedenis. Zo is het al erg lastig te achterhalen waar de voorlopende groepen hun opkomsten hebben gedraaid. Volgens de Facebookpagina van Noitdorpsche Historiën hadden de gidsen hun eerste opkomsten op de zolder van de maalderij van Van de Sande. Welke Van de Sande (het stikt ervan) en op welk adres is echter niet duidelijk. Later verhuisden ze naar De Vreede op de Kortelandseweg, ook Zwarte End genoemd. Evenals de eerder genoemde schuur van Piet van der Helm, waar de Sint-Willibrordusgroep draaide, ging het dus om bedrijfspanden van dorpelingen die de vereniging een warm hart toedroegen. Trouwens, over onduidelijkheden en open plekken gesproken: wat de jaartallen zijn, of er méér locaties zijn gebruikt en of de jongens ook op deze locaties hebben gedraaid is vooralsnog een groot mysterie.
Oké, tijd om de balans op te maken. We hebben dus een Sint-Willibrordusgroep die is opgericht in april 1948, en die al-dan-niet iets te maken heeft met Scouting Nootdorp. Dan hebben we een Sint-Jorisgroep, die Welpen had maar geen Verkenners. Dat wekt de suggestie dat deze later samen zijn gegaan tot één jongensgroep. Maar waarom kon dhr. De Groot dan niet gewoon van de Sint-Jorisgroep overvliegen naar de Sint-Willibrordusgroep, en moest hij in plaats daarvan helemaal naar Paulus Delft? Het zou ook kunnen dat de Sint-Willibrordusgroep later is hernoemd naar Sint-Joris (beschermheilige van scouting), en de Verkennergroep ooit is doodgebloed waarna deze in 1969 heropgericht moest worden – deze theorie is wat mij en Kees de Koning betreft het meest waarschijnlijk. Verder hebben we de Rosa de Lima als meidengroep, die volgens mevr. Goeman tegelijk met de Sint-Joris is opgericht, terwijl dhr. De Koning meende dat er voor de meisjes in het begin helemaal nog geen padvinderij was. De fusie is gelukkig duidelijker: die zal tussen 1969 en 1975 hebben plaatsgevonden.
Jeugdhuis, Jozefhuis, Knoop (1975 – 2006)
Afgaande op het verslag van het interview met dhr. de Koning betekent dat, dat deze fusie heeft plaatsgevonden in de boerderij tegenover de Bartholomeuskerk. Tussen ongeveer 1975 tot 1985 heeft Scouting Nootdorp gedraaid in het Jeugdhuis aan Veenweg 67, en de blokhut ernaast. Deze jaartallen zullen ongeveer kloppen, maar ze zijn wel nog een klein vraagteken. Carla Weerdenburg stuurde me in november 2023 een krantenknipsel (geen idee uit welke krant) over de verbouwing van het Jozefhuis, waarin Scouting Nootdorp toen net was ingetrokken. Die verbouwing was nog aan de gang op het moment van schrijven, dus dat zal ongeveer 1985 zijn geweest. In het artikel staat over de blokhut naast het Jeugdhuis, de oude locatie dus: “Tien jaar heeft men het daar vol kunnen houden”. De vrijwilligsters die aan het woord zijn, zijn dus weinig sentimenteel over de verhuizing… Maar een snelle rekensom leert dus dat Scono tussen pakweg 1975 en 1985 in de blokhut heeft gedraaid, voordat het Jozefhuis in gebruik werd genomen. De herinnering van oud-voorzitter Kees van der Kraan suggereert dat het wat later zal zijn geweest: toen hij aantrad in 1990 was de verbouwing van het Jozefhuis nog aan de gang.

Dat Jeugdhuis was een plek waar activiteiten ter lering ende vermaak werden georganiseerd voor kinderen en jongeren. Het was verbonden aan de Katholieke kerk; het is dus geen toeval dat maar zo’n 200 meter van de Bartholomeuskerk vandaan is gebouwd. In het Jeugdhuis zelf zat onder meer discotheek “Disco Elephant Square”.
Het Jeugdhuis bleek al na enkele jaren te krap voor de vereniging, die in 1980 al 127 leden had (Delftsche Courant, 21 mei 1980). Het Jozefhuis, eveneens vastgoed van de parochie van de Bartholomeuskerk, werd aangewezen als nieuw onderkomen voor de scouting. Er was nog veel gesteggel over de bouwkosten in de gemeenteraad – al vanaf het eerste moment was brandveiligheid een lastig thema.
De verbouwing van het Jozefhuis heeft nog een tijd op losse schroeven gestaan. Op 25 januari 1985 meldt de Deltsche Courant dat het College van B&W in samenspraak met het kerkbestuur heeft besloten tot een sloop van het Jozefhuis, waardoor de scouting geen beoogd onderdak meer heeft. De wethouder oppert dat Scouting Nootdorp leegstaande lokalen in het Jozefgebouw zou kunnen gebruiken. De sloop is er nooit van gekomen; later in 1985 wordt de bouwvergunning afgegeven voor een verbouwing van het Jozefhuis. Enkele jaren later was de verbouwing voltooid. Bijkomend voordeel van de verhuizing van de scouting was de extra ruimte voor de toneelclub en de postduivenvereniging (krant onbekend, mei 1980). Lang hebben die er niet van genoten, want sinds 1993 staat er op Veenweg 67 een woonhuis, op dezelfde plaats waar het Jeugdhuis heeft gestaan.
Het Jozefhuis is in 1906 gebouwd als bejaardentehuis, met er tegenaan het Jozefgebouw waarin de Sint-Jozefschool gevestigd is. Wanneer of waarom het precies leeg kwam te staan weet ik niet zeker, maar wellicht heeft het te maken met de bouw van Veenhage in 1975, of de uitbreiding in 1985.
Toen Scouting Nootdorp in 1990 naar de zolder van het Jozefhuis ging, leek dit nog een verbetering ten opzichte van het Jeugdhuis. Dit sentiment sloeg echter snel om. Volgens de toekomstvisie die Scouting Nootdorp in 1997 opstelde, voldeed het Jozefhuis totaal niet aan de eisen van een scoutingvereniging. Het pand heeft geen scoutinguitstraling, de ruimtes zijn krap, er is geen zicht op de ingangen waardoor vreemden in en uit kunnen lopen – en dat soms ook daadwerkelijk doen – en er is geen eigen veld bij het gebouw waardoor de leden groepsspellen moeten spelen op het plein van de Jozefschool. Voor kinderen die al vijf dagen in de week op dit saaie tegelplein de pauzes door moesten brengen was dat niet erg spannend. Een van de grootste problemen was echter dat het gebouw niet voldoende brandveilig was. De brandweercommandant van de Nootdorpse kazerne, Ab Rolvink, vond de zolder te onveilig waardoor er geen overnachtingen plaats mochten vinden. In de strijd voor een nieuw gebouw werd de brandveiligheid dan ook vaak benoemd, zeker na de brand in Volendam in de oudjaarsnacht 2000-2001.
Volgens de toekomstvisie zou de groep van “ongeveer 150 leden” moeten kunnen groeien naar maar liefst 300(!) leden in 2001. Dit onrealistische getal werd gebaseerd op het gelijktrekken van het inwoneraantal van Nootdorp met het ledenaantal van Scono. In werkelijkheid had Scono in 2001 een ledenaantal van 187 volgens SOL, wat overigens nog steeds meer is dan de 175 die werd gezien als maximale capaciteit van het Jozefhuis. Het ledenaantal van 300 is nog nooit door Scouting Nootdorp behaald, al kwamen we er wel erg dichtbij. In november 2022 hadden we 297 leden in SOL staan. De jaren 90 waren overigens een tijd van flinke groei. Vanaf het dieptepunt in 1989 van 81 leden, groeide Scono naar 187 leden in 2001. Een groot deel van die leden staat op de onderstaande foto.

Niet alleen qua ledenaantal was 1989 een lastige tijd: Kees van der Kraan herinnerde zich dat Diny Tubbing, de toenmalige secretaris, het enig overgebleven bestuurslid van de vereniging was toen hij aantrad als voorzitter. Zij is later ook erg belangrijk geweest voor Scono in de zoektocht naar nieuwe huisvesting. In de eerste jaren was ze de kartrekker in de strijd voor een nieuwe accommodatie. Ze vertelde me echter dat, omdat er steeds meer eisen gesteld werden door verschillende speltakken, het plan veel te groot en te duur werd. Er zijn bouwtekeningen gemaakt voor een stenen gebouw van twee verdiepingen met vier speelzalen, een uitkijktoren en een brug die vanaf de bovenverdieping van het gebouw naar de uitkijktoren liep. In totaal kwamen de geschatte kosten uit op 1,1 miljoen gulden (Delftsche Courant, april 2001). Mevr. Tubbing trok daarop de conclusie dat het haar niet meer zou lukken om het plan te voltooien. Zij is toen opgevolgd door Monique de Koning (Nieuws uit het BOS nr. 2, september 2001).
De Knoop (2006 – heden)

Wie de Knoop kent, weet dat het stenen gebouw met twee verdiepingen en de brug naar de uitkijktoren er nooit is gekomen. In plaats daarvan is een dagbestedingscentrum van een asielzoekerscentrum overgenomen en in delen vervoerd naar de Laakweg. Mevr. Tubbing wees Kees de Koning en Ben Kneppers aan als de kartrekkers bij het overnemen en opbouwen van dit gebouw, vanzelfsprekend met assistentie van vele vrijwilligers. In de overgangstijd van het Jozefhuis naar de Laakweg naam Scono tijdelijk intrek in de dependence aan de Molenweg, achter de inmiddels verwijderde milieustraat.
Dit was nodig aangezien het Jozefhuis volledig was afgekeurd voor opkomsten, ook zonder overnachting. Toen in 2006 de bouw van De Knoop aan de Laakweg compleet was, verhuisde Scouting Nootdorp naar haar huidige gebouw.